Het voorstel om de AOW-leeftijd te verhogen is onnodig, ongewenst en onzinnig, zegt Agnes Kant

2 april 2009

Door Agnes Kant,  fractievoorzitter van de SP in de Tweede Kamer

Zelden maak je in de politiek zo’n massale draai mee. En zelden wordt op zo’n grote schaal kiezersbedrog gepleegd. VVD, CDA en PvdA waren bij de verkiezingen in 2006 mordicus tegen verhoging van de AOW-leeftijd. Tot nog geen maand geleden schreef de PvdA aan mensen die een vraag over de AOW stelden: “De PvdA wil de pensioengerechtigde leeftijd niet verhogen naar 67 jaar, maar houdt vast aan 65 jaar. De PvdA noemt de aandacht die het kabinet aan deze discussie geeft verspilde energie.” Maar onder het mom van de crisis gingen de partijen massaal overstag.

Ten onrechte. De verhoging van de AOW-leeftijd is onnodig. Sinds invoering van de AOW door PvdA-premier Drees is het aantal 65-plussers aanzienlijk gestegen en dat zal het de komende jaren blijven doen. Voorstanders van de verhoging roepen het spookbeeld op van een onbetaalbare AOW. Het is juist dat er een steeds groter beroep wordt gedaan op de AOW, maar die groeiende groep 65-plussers zorgt er ook voor dat de inkomsten uit belastingen over pensioenen fors zullen stijgen. Die belastinginkomsten zijn voldoende om het stijgende aantal AOW-uitkeringen te betalen.

De werkelijkheid is niet dat de AOW-onbetaalbaar is, maar dat het kabinet op zoek is naar extra centen. De crisis wordt misbruikt om sociale verslechtering er door te drukken. En dat is dus een politiek keuze. Dat we zorgvuldig moeten omgaan met de schatkist, staat buiten kijf. Maar geld besparen kan ook op een andere manier. Bijvoorbeeld door de JSF niet aan te schaffen. Of door aan de rijken een eerlijke bijdrage te vragen voor het financieren van de AWBZ en zorgpremies. Of door het beperken van de hypotheekrenteaftrek voor hoge hypotheken voor villa’s. Dan kan je het ook blijven garanderen voor gewone mensen met gewone huizen. Het kabinet kiest er echter voor om mensen na hun 65ste door te laten werken om de subsidie op villabezit in stand te kunnen houden.

Verhoging van de AOW-leefdtijd is ook ongewenst. Een bescheiden voorziening voor onze oude dag is een verworvenheid. Het is een groot goed dat we vanaf ons 65ste mogen genieten van onze oude dag. Dat meer mensen het geluk hebben de 65 te laten halen, en de gemiddelde levensverwachting omhoog gaat, wordt nu als argument aangevoerd om de leeftijd te verhogen. Dat door deze vooruitgang meer mensen kunnen genieten van hun oude dag is toch geen reden om er aan te tornen? Bovendien, als het je geluk hebt is om 65 te halen is de levensverwachting niet veel langer dan vroeger. Iemand die in de vijftiger jaren de 65 jaar haalde, had maar twee tot drie jaar korter te leven dan iemand die in 2000 65 jaar wist te halen. Verhoging van de AOW leeftijd tot 67 maakt deze winst vrijwel geheel ongedaan.

Mensen na hun 65ste door laten werken is ook onzinnig. Op dit moment werken twee op de drie mensen tussen de 60 en 65 jaar niet. Van de 64-jarigen werkt nog maar 13%. De overgrote meerderheid is afgedankt of arbeidsongeschikt. Verhoging van de AOW-leeftijd leidt dus tot het vergroten van de vraag op andere uitkeringen, zoals de WAO en de Bijstand. Die overigens ook worden opgebracht door de werkende mensen van dat moment. Met een verhoging van de AOW-leeftijd moeten we waarschijnlijk dezelfde kosten ophoesten, alleen uit andere potjes. Wat het wel oplevert is onrust, ongemak, minder zekerheid en veel kansloze sollicitaties.

Het aantal 65-plussers bereikt zijn hoogtepunt rond 2040 en het percentage werkenden daalt substantieel. Op termijn zal daardoor krapte komen op de arbeidsmarkt. Dat zorgt voor druk op de werkgevers om wel te investeren in het behoud van ouderen werknemers, die nu nog massaal aan de kant gezet worden en niet meer worden aangenomen. En het motiveert om te investeren in hogere arbeidsproductiviteit. Sinds 1970 zijn de werknemers in Nederland door mechanisatie en innovatie bijna zeven keer productiever geworden. Ook de afgelopen jaren nam de arbeidsproductiviteit toe en het ligt voor de hand dat dit proces door zal zetten.
Bovendien wordt er nog een hele andere waarde over het hoofd gezien. Veel 65-plussers maken zich maatschappelijke nuttig met vrijwilligerswerk of het verlenen van mantelzorg. Hoe de voorstanders dat maatschappelijke gat gaan vullen, hebben we nog niet gehoord.